Er zijn van die zondagen dat je de wedstrijd eigenlijk vergeet. Niet omdat er niks gebeurde op het veld — integendeel — maar omdat er voor de aftrap al zoveel te bespreken viel in de kleedkamer. Nieuws uit de buitenwereld dat ineens ook over ons gaat. Over onze club, onze competitie, onze vrijwilligers. Dan merk je dat amateurvoetbal geen eiland is. Het zondagvoetbal ademt gewoon mee met wat er om ons heen speelt.
De kleedkamer als nieuwsredactie
Het begon met Henk. Henk is onze grensrechter, al vijftien jaar, en hij had zijn telefoon erbij. Dat doe je eigenlijk niet, telefoon in de kleedkamer, maar goed. Hij had iets gelezen over vrijwilligerswerk en sportverenigingen, een bericht dat rondging. Of we dat al hadden gezien.
Nee, had niemand gezien. Maar binnen twee minuten stond iedereen eromheen. Dat is de kleedkamer: je hebt geen vergadering nodig, geen agenda, geen voorzitter die de microfoon pakt. Je hebt één Henk met een telefoon nodig en de discussie loopt vanzelf.
Wat er precies in dat bericht stond, doet er nu even niet toe. Maar het ging over de druk op vrijwilligers bij sportclubs. Over hoe moeilijk het is om mensen te vinden die willen helpen. Dat herkende iedereen. Piet, onze materiaalman, knikte zo hard dat zijn pet afviel. “Vertel mij wat,” zei hij. Piet sjouwt elke zondag die netten, die pionnen, die ballen. En hij doet het al twaalf jaar. Zonder Piet staat er geen goal.
Vrijwilligers: de echte ruggengraat
Laten we daar even bij stilstaan, want dat verdient meer dan een knikje van Piet.
Bij ons hebben we op dit moment vier elftalleiders voor de zondagafdeling. Vier. Dat klinkt als genoeg, maar twee van die vier hebben vorig seizoen al aangegeven dat ze er na dit jaar misschien mee stoppen. Niet omdat ze het niet meer leuk vinden, maar omdat het gewoon veel is. Formulieren invullen, scheidsrechters regelen, spelers bellen die hun afmelding vergeten zijn, materiaal controleren, aanwezig zijn bij elke wedstrijd thuis én uit. En dat alles voor nul euro en een kop koffie die bij onze kantine eerlijk gezegd beter kan.
En dan de grensrechters. Wij draaien op clubscheids en clubgrensrechters voor de lagere elftallen. Dat zijn mensen die op zondagochtend om negen uur langs de lijn staan terwijl hun kinderen nog slapen. Mensen die vlaggen omdat het moet, omdat er anders geen wedstrijd is. Ze krijgen er een bedankje voor en soms een zak drop in december. Meer niet.
Dat dit onder druk staat, is geen verrassing. Maar het is fijn als het ook eens ergens gezegd wordt buiten de kantine. Want de NOS berichtte al eerder over de teruglopende bereidheid van mensen om vrijwilligerswerk te doen, en toen dachten wij als club: dat is toch iets voor de grote organisaties? Nee dus. Het begint gewoon hier. Bij Piet en zijn netten.
De wedstrijd zelf: Rood-Wit 3 tegen De Vogels 4
Goed, we waren er ook nog voor het voetbal. Rood-Wit 3 tegen De Vogels 4, een middenmotersduel dat op papier nergens over gaat maar in de praktijk altijd scherp is. Die twee clubs liggen een dorp van elkaar vandaan. Er zitten bij beide teams mannen die vroeger samen speelden. Dat geeft altijd een randje.
Het veld lag er redelijk bij voor de tijd van het jaar. Een beetje zwaar aan de linkerkant, maar dat weet iedereen. Onze linksback Sander weet het ook, want hij gleed in de derde minuut al onderuit. Geen blessure, wel modder op zijn broek tot aan zijn oor. Zijn vrouw stond langs de lijn. Ze zei niks, maar haar gezicht zei genoeg.
De scheidsrechter was een jonge vent, nieuwe kaart, en je merkte het. Niet slecht, maar een beetje onzeker bij duels in het midden van het veld. Hij liet veel gaan in de eerste helft, te veel. Bij De Vogels hadden ze een middenvelder — ik meen dat het nummer acht was, een grote vent met een rode band om zijn pols — die er stevig in ging. Drie keer. Geen kaart. Na de derde keer riep onze aanvoerder Dennis iets wat ik hier niet ga opschrijven, maar de strekking was duidelijk.
Rust: 1-1. Doelpunt van ons via een vrije trap van Joost, die de bal gewoon hard genoeg raak schoot. Geen kunst, wel effectief. De gelijkmaker van De Vogels was een beetje een cadeautje van onze keeper Marco, die de bal liet glippen. Marco zei na afloop dat de zon in zijn ogen stond. Het was bewolkt. We hebben er niks van gezegd.
Tweede helft en de discussie bij de koffie
Na rust was het beter. Rood-Wit 3 nam het heft in handen, zoals dat heet. Meer druk, meer balbezit, en De Vogels begonnen wat te zakken. In de 58e minuut maakte invaller Robin de 2-1. Robin is pas twee maanden bij ons, komt over van de zaterdagafdeling — ja, dat bestaat, mensen die overstappen van zaterdag naar zondag — en hij past eigenlijk prima. Hij werkt hard, klaagt niet en staat altijd op tijd.
Dat brengt me bij de eeuwige discussie die na de wedstrijd bij de koffie losbarstte. Zaterdag versus zondag. Het gaat er altijd over, bij elke club. De zaterdagmensen denken dat zij serieuzer zijn, meer georganiseerd, meer gedisciplineerd. De zondagmensen denken dat zij meer van het spel houden, minder bezig zijn met carrière maken en meer met het echte voetbal.
Ik ga er niet in mee, want ik heb aan beide kanten gestaan. Maar ik merk wel dat de discussie scherper wordt als er spelers overstappen. Robin werd een beetje bekeken de eerste weken. Nu niet meer, want hij scoort. Zo simpel is het ook.
De wedstrijd eindigde op 3-1. Derde goal was van Dennis zelf, strafschop, rustig ingeschoten terwijl de keeper al de andere kant op dook. Dennis raapte de bal op, liep terug naar de middenlijn, zei niks. Dat is klasse. Of hij wist dat het niet meer spannend werd. Waarschijnlijk allebei.
Na afloop waren beide teams netjes. Handen geschud, even napraten bij de dug-out. De scheidsrechter werd aangesproken door de coach van De Vogels over die duels in de eerste helft. Rustig gesprek, geen gedoe. Zo hoort het.
Wat dit alles zegt over ons zondagvoetbal
Ik kom terug bij het begin. Bij Henk en zijn telefoon en het bericht over vrijwilligers.
Want wat er die zondag gebeurde, is eigenlijk heel gewoon en tegelijk heel bijzonder. Een wedstrijd gespeeld op een zwaar veld, een jonge scheidsrechter die zijn best deed, een materiaalman die de netten sjouwde, een grensrechter die vlagde in de kou, een invaller die scoorde en daarmee zijn plek verdiende. En daarna een discussie over zaterdag en zondag die al twintig jaar duurt en nooit beslecht wordt.
Dat is amateurvoetbal op zondag. Geen camera’s, geen commentatoren, geen statistieken die iemand bijhoudt. Alleen mensen die er zijn omdat ze er willen zijn. Of omdat Henk hen heeft gebeld en gevraagd of ze even wilden invallen als grensrechter.
Het punt is dit: als de buitenwereld zegt dat vrijwilligers schaarser worden, dan moeten wij als clubs nadenken. Niet met grote plannen en werkgroepen en beleidsnotities — al die dingen verdwijnen in een la — maar gewoon praktisch. Wie bel jij volgende week als Piet er een keer niet bij kan zijn? Wie staat er langs de lijn als de vaste grensrechter ziek is? Wie neemt de elftalleider over als die er na dit seizoen mee stopt?
Bij ons weten we het antwoord nog niet helemaal. En dat is eerlijk gezegd een beetje ongemakkelijk. Maar het is ook eerlijk. En eerlijkheid is bij ons in de kantine altijd meer waard dan een mooi verhaal.
De koffie was trouwens weer niet geweldig. Ik zeg het elke week. Niemand doet er iets aan. Misschien moet ik Henk vragen of hij daar ook een bericht over heeft.
Tot slot
Rood-Wit 3 staat na deze overwinning op de vijfde plek. Drie punten achter de nummer vier, acht voor op de nummer zeven. Nog genoeg te spelen, nog genoeg te winnen en te verliezen. Volgende week uit bij Blauw-Geel, een veld waar het altijd waait en de kleedkamers te klein zijn. Neem een extra trui mee.
En als je vrijwilliger bent bij een club — elftalleider, grensrechter, materiaalman, kantine, noem maar op — dan weet je dat niemand het je vraagt maar dat iedereen er van geniet. Dat is genoeg reden om er volgende week weer te staan.
Leave a Reply